Getting LEAN with STEC
De bron van de STEC uitbraak in Duitsland lijkt dan toch eindelijk definitief vastgesteld. In de media is volop belangstelling voor deze ernstige voedsel-gerelateerde microbiologische ramp in een goed georganiseerd West-Europees land, in vele opzichten onze grote broer en voorbeeld. Vrijwel iedere dag was er wel een microbioloog aan het woord op tv, radio of in een krant. De exposure voor ons vak was groot en zoals vaak gerelateerd aan een disfunctioneren op systeemniveau. Immers, zolang alles naar behoren functioneert ontstaan er geen problemen en zijn de medische microbiologie, de ziekenhuishygiëne en infectiepreventie en de openbare gezondheidszorg vergelijkbaar met nutsfuncties als elektriciteit en water uit de kraan; het is zo vanzelfsprekend dat er niet wordt nagedacht over wat er nodig is om een betrouwbaar systeem in de lucht te houden.
Bij deze uitbraak hadden we het voordeel dat we sinds januari van dit jaar als hoogleraar medische microbiologie Prof. Dr. Alexander W. Friedrich in Groningen hebben, die tot die tijd DE expert van Duitsland was op het gebied van STEC. Niet alleen weet hij daardoor als geen ander wat er microbiologisch aan de hand is, hij kan ook haarfijn uit de doeken doen wat het verschil is tussen Duitsland en Nederland en waarom het in Duitsland zo uit de klauwen loopt. Hij heeft hierover al een aantal behartigenswaardige interviews gegeven. Zie hiervoor bijvoorbeeld: http://nos.nl/artikel/246755-microbiologie-duitse-ziekenhuizen-wegbezuinigd.html en http://nos.nl/l/tcm:5-978004/ en ook http://nos.nl/l/tcm:5-978323/.
Uiteraard is dit signaal meer dan welkom in tijden dat de overheid wil (en moet) bezuinigen. Hierbij wordt namelijk gedacht aan generieke concentreringsmaatregelen van ‘de’ diagnostiek in zijn algemeenheid, waaronder dan ook beeldvorming en functieonderzoek wordt gerekend, of aan laboratoriumdiagnostiek waarbij vooral gekeken wordt naar klinische chemische praktijken. De medische microbiologie wordt hiermee op één hoop gegooid. In het algemeen wordt er vanuit extern heel grofmazig gedacht over diagnostiek, in de volgende trant: als er een patiënt bij een specialist in het ziekenhuis diagnostiek laat verrichten, dan wordt deze patiënt vaker opgenomen dan wanneer dat in de eerstelijn bij de huisarts zou gebeuren. Dus zouden we de diagnostiek zoveel mogelijk naar de eerstelijn moeten verplaatsen, omdat we daarmee onnodige opnames voorkomen en dus veel geld besparen. Bovendien leeft er het idee dat er valt te bezuinigen op deze diagnostiek omdat in de eerstelijn meer concurrentie zou zijn en kosten van het verrichten van deze diagnostiek uit het zicht zou verdwijnen in de niet-transparante financiële warboel van de ziekenhuizen. Uiteraard wordt er ook veel verwacht van concentratie van diagnostiek. Deze lijn blijkt ook uit vragen die VWS bij de NZA neerlegt en er wordt handig op ingespeeld door Plexus in een rapport dat niet helemaal objectief lijkt (!).
Het is zeker niet zo dat al deze gevaren nu als sneeuw voor de zon zijn verdwenen en we zullen ons best doen om dit aansprekende voorbeeld gebruiken om uit te leggen dat medische microbiologie veel meer is dan het genereren van uitslagen en dat je dus voorzichtig moet zijn om hier onnadenkend het mes in te zetten. Hiertoe hebben we recent VWS rondgeleid in een medische microbiologisch laboratorium en hen uitgelegd wat de medische microbiologie inhoudt, naast het genereren van uitslagen. In overleg met de Orde van Medisch Specialisten zijn we ook bezig om documentatie te maken, waarmee bijvoorbeeld bestuursleden van de Orde aandacht kunnen vragen voor onze specifieke bijdrage aan de gezondheidszorg en volksgezondheid. Deze informatie moet uiteraard toegesneden zijn op de gesprekspartner, waarbij de minister de meeste details zal worden bespaard, maar een beleidsambtenaar wel degelijk relevante onderleggers worden aangereikt.
Aan de andere kant ontslaat het ons niet van de plicht om ook zelf naar ons eigen vak en de organisatie daarvan te kijken, naar schaalgrootte en efficiency, naar de waste - niet alleen in onze individuele laboratoria maar in de hele medisch microbiologische zorg in Nederland. Tenslotte zijn we er met zijn allen verantwoordelijk voor om efficiënt en zuinig met de algemene zorgmiddelen om te gaan en te laten zien dat we naast oog voor de inhoud ook oog hebben voor BV Nederland.
